Heb je Paraginner Sylvia gehoord op Qmusic? Ze deed mee aan het item ‘Het slimste bedrijf van Nederland‘.

Benieuwd hoe goed ze gespeeld heeft namens Paragin? Je kunt het fragment hier terug luisteren.


De werkdruk in het onderwijs ligt hoog. Naast alle lesuren, moeten leerkrachten ook hun lessen voorbereiden, administratie bijwerken en natuurlijk is er het steeds doorlopende nakijkwerk. Gericht op dat nakijkwerk zijn er nog wel wat oplossingen te verzinnen. Maar wat is daarvan het effect? Immers is feedback geven de meest nuttige activiteit in het onderwijs.

Stel je voor, je geeft les in een vak, waarbij studenten iedere drie weken tien formatieve opdrachten moeten maken, die behoren bij een specifiek thema.
Als docent kun je jezelf de vraag stellen of je iedere afzonderlijke opdracht tussentijds apart wilt nakijken of slechts eenmalig aan het einde van de drie weken. Als je de opdrachten eenmalig wilt nakijken aan het einde van de drie weken, heeft dit als voordeel dat je geen beoordelingsverzoek meer krijgt voor iedere afzonderlijke opdracht van iedere student. Hierdoor kun je bijvoorbeeld op een andere manier je tijd inplannen en efficiënter je tijd besteden aan andere onderwijsaspecten die aandacht behoeven.

Aan de keuze voor het eenmalig nakijken aan het einde van de drie weken, kleven een aantal onderwijskundige vraagstukken:

    • Als ik als docent aan het einde van de drie weken na wil kijken, in plaats van iedere opdracht apart, krijgen de studenten dan nog wel voldoende mogelijkheden om vragen te stellen en feedback te ontvangen?

Je kunt ervoor kiezen tussentijdse momenten te plannen op school waarop studenten hun vragen kunnen stellen aan jou of aan hun medestudenten. Zo kunnen studenten toch hun vragen stellen, en krijgen ze meer regie over hun leertraject. Bovendien kun je op deze manier als docent ook controle blijven houden over de voortgang van je studenten en eventueel bijsturen.
Het is raadzaam om de studenten voor te bereiden op zo’n gezamenlijk tussen moment. Sommige studenten vinden het namelijk lastig om ‘uit het niets’ vragen te verzinnen die ze aan jou of medestudenten kunnen stellen. Zo bestaat de kans dat de gezamenlijke tussen momenten niet optimaal worden benut. Je kunt de studenten voorbereiden door middel van het opstellen van een begrijpelijke rubric. Voor ieder criterium dat belangrijk is in de opdracht(en) bepaal je bijvoorbeeld vooraf wat onvoldoende, matig, voldoende of goed is. De studenten kunnen zo hun eigen opdracht beoordelen, voordat zij naar het tussenmoment komen. Zo leren zij inzien waar ze goed in zijn en waar ze beter op moeten letten. Op deze manier kunnen de studenten tijdens het gezamenlijke moment specifieke en relevante vragen stellen, die hen helpt om de opdracht beter te maken.

Ook kun je de studenten elkaar feedback laten geven. Dit wordt peer feedback genoemd. Ook hiervoor kun je de rubric inzetten. Peer feedback levert meerdere voordelen op. Door het (leren) geven van feedback op andermans werk, leren studenten te reflecteren op hun eigen werk. Vinden je studenten het lastig om feedback te geven? Het kan dan helpen om ze uitleg te geven over wat feedback is en hoe je dit kan geven. Wil je meer over feedback lezen? Lees dan eens dit artikel.

In RemindoContent is het mogelijk om bij iedere afzonderlijke opdracht de ‘Feedbackoptie’ in te stellen. Studenten zouden dan aan de docent of een medestudent feedback kunnen vragen en hun vragen kunnen stellen. Ook kun je een oogje in het zeil te houden op de voortgang van de opdrachten. Je kunt als docent namelijk zien óf de opdracht is gemaakt en wát er precies is gemaakt; is er bijvoorbeeld een verslag geüpload of hebben de studenten iets ingevuld?

    • Als ik als docent aan het einde van de drie weken na wil kijken, in plaats van iedere opdracht apart, in hoeverre geef ik studenten dan (nog) een terugkoppeling op hun (tussentijdse) opdrachten?

Je kunt in meer of mindere mate een terugkoppeling geven op de (tussentijdse) opdrachten. Een factor die van invloed is op de mate van feedback die van belang is, is het belang van een opdracht.

Het belang van een opdracht kun je beoordelen aan de hand van een aantal criteria. Bijvoorbeeld, worden er bij de opdracht competenties (kennis, vaardigheden en houdingen) aangeleerd, die voorwaardelijk zijn voor een hoger competentieniveau? Is de opdracht voorwaardelijk voor het mogen/ kunnen maken van een volgende opdracht? Welke consequenties hangen er aan het resultaat van een student (bijvoorbeeld zakken of slagen)? Hoe groter het belang van een opdracht, hoe belangrijker het is om feedback te geven.

De meest beperkte optie is het geven van een eindoordeel of overkoepelende feedback op alle opdrachten gezamenlijk.
Bij de meest uitgebreide optie geef je studenten op het einde feedback op iedere tussentijdse opdracht. Als de student iets goed beheerst, kun je de student positieve feedback geven. Denk aan een compliment, waarbij je de student aangeeft wat hij of zij goed heeft gedaan. Dit kan resulteren in meer intrinsieke motivatie en zelfvertrouwen bij de student. Als de student iets nog niet goed beheerst, kun je als docent uitleg geven waarom de student dat specifieke onderdeel nog niet beheerst. Feedback met extra uitleg kan resulteren in positieve leerresultaten bij de studenten. Ook kun je hier rubrics toepassen, zodat studenten weten waar zij op beoordeeld worden.

Wil je meer weten over feedback geven, het maken van rubrics of het beoordelen van opdrachten? Neem dan eens contact met ons op, wij denken graag met je mee!


In een e-portfolio kun je heel eenvoudig documenten en andere bewijsstukken toevoegen. Het nadeel van deze eenvoud is, dat deelnemers de neiging hebben om té veel toe te voegen. Voor begeleiders en beoordelaars wordt het dan lastig om overzicht te krijgen. Vier vragen kunnen je daarbij helpen. Hoe beteugel je de input van de deelnemer in het e-portfolio?

Het maken van portfolio’s is al jaren heel gebruikelijk in het onderwijs. Portfolio’s op papier, maar ook online portfolio’s, zoals met behulp van MijnPortfolio.nl, komen steeds vaker voor. Het maken van een portfolio komt oorspronkelijk uit de kunstwereld. Kunstenaars konden met een verzameling van hun ontwerpen en producten potentiële opdrachtgevers laten zien, wat ze aan vaardigheden in huis hebben. Dit principe rondom portfolio’s is nog hetzelfde: je verzamelt bewijzen die laten zien wat je in huis hebt.

Het werken met een digitaal portfolio biedt hele handige voordelen ten opzichte van een portfolio op papier, zoals het eenvoudig kunnen aanvullen en bewaren van documenten, het toevoegen van andere bestanden zoals audio en video en het overal kunnen raadplegen van het portfolio. Digitale portfolio’s laten één valkuil zien: het nodigt uit tot het opnemen van (te) veel materialen. De volgende vier vragen kunnen je helpen bij het voorkomen dat deelnemers in deze valkuil stappen.

1. Hoeveel mag er toegevoegd worden?
Elke organisatie stelt weer andere eisen aan wat er in een portfolio aanwezig moet zijn. Gebruik je het e-portfolio bijvoorbeeld om toegelaten te kunnen worden voor een opleiding, dan zal de inhoud er anders uitzien dan een e-portfolio dat gebruikt wordt voor loopbaanontwikkeling. Wanneer een e-portfolio wordt gebruikt voor erkenning of toelating, is het slim om na te denken over een maximumaantal bewijsstukken. Zo zijn er bijvoorbeeld (onderwijs)instellingen waar een deelnemer niet meer dan 20 bewijsstukken mag opnemen in het e-portfolio. Het voordeel daarvan is dat de deelnemer heel bewust kiest voor de kwalitatief betere stukken.

2. Moet het werk af zijn?
De doelstelling van het e-portfolio bepaalt of er ook onvoltooid werk in wordt opgenomen. Hier gaat het vaak over het verschil tussen proces en product. Is het nodig om het proces (en daarom tussentijdse versies) in beeld te brengen, of laat het eindproduct voldoende zien wat iemand aan vaardigheid heeft? Geef duidelijk aan wat je hierin verwacht. Zo voorkom je dat het document 5 keer wordt opgenomen in verschillende versies, als dit niet nodig is.

3. Waar ben je trots op?
Voor beoordelaars is het vaak belangrijk om niet alleen te zien waar de deelnemer zelf het meest trots op is, maar ook de wat meer middelmatige bewijsstukken. Zo kan iemand bijvoorbeeld heel erg goed zijn in het geven van presentaties en dit uitgebreid aantonen in een bewijsstuk, maar is het ook belangrijk om te zien dat deze persoon een prima adviesrapport kan schrijven. Alleen de bewijsstukken opnemen waar iemand zelf het meest trots op is, is daarom vaak niet voldoende. Maar geef de deelnemers wel de gelegenheid om aan te geven waar zij het meest enthousiast over zijn. Daar kan de showcase in MijnPortfolio.nl bijvoorbeeld een uitstekende mogelijkheid voor bieden. Het e-portfolio toont dan een verzameling van bewijsstukken over de breedte en de showcase geeft de deelnemer de gelegenheid om te presenteren wat in zijn ogen de meeste waarde heeft.

4. Welke bewijsstukken wil je minimaal zien?
Het is niet erg om precies aan te geven wat er minimaal in het e-portfolio opgenomen moet worden. Deelnemers vinden het vaak lastig om onbevooroordeeld te zijn over eigen prestaties. Ze focussen vaak op datgene waar ze veel moeite voor hebben gedaan. Kwaliteiten die ze van nature bezitten, worden soms niet meegenomen. Daarom is het verstandig om altijd te vragen naar een volledig overzicht, zoals bijvoorbeeld in een cv. Daarbij is het handig om te zien hoe de loopbaan van de deelnemer eruitziet. Mis je nog iets in het portfolio, dan kun je eenvoudig zien of de deelnemer dat op een andere manier nog zou kunnen bewijzen. In het e-portfolio van MijnPortfolio.nl kun je door de kwalificaties ook heel makkelijk die sturing aanbieden. Vanuit een te bewijzen leerdoel of competentie wordt de deelnemer uitgedaagd hiervoor bewijsstukken op te nemen. Zo ontstaat er een breder en gerichter beeld van de vaardigheden van de deelnemer.

Wil je meer weten over de mogelijkheden van MijnPortfolio.nl? We vertellen je er graag meer over.


We zijn trots op de nieuwe functionaliteiten die de afgelopen maanden zijn ontwikkeld voor RemindoToets. Afgelopen zaterdag, 4 mei zijn deze middels release 19-1 beschikbaar gekomen voor alle RemindoToets gebruikers. 

Naast de diverse optimalisaties, bevat deze release een aantal mooie, nieuwe toevoegingen.

Een greep uit de toevoegingen:

  • In de beheeromgeving is het nu mogelijk om op basis van de bestaande vraagtypes, vraagsjablonen aan te maken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een standaardsjabloon voor ‘Ja/Nee vragen’ of een meerkeuzevraag met drie antwoordopties welke nooit gehusseld mogen worden. Deze standaardsjablonen kunnen vervolgens ook door andere gebruikers binnen de omgeving worden gebruikt.
  • Er is een workflow toegevoegd rondom het proces van het ontwikkelen en goedkeuren/vaststellen van een toets(matrijs). Er bestond al een ‘Goedkeuring’ voor toetsen/toetsmatrijzen, maar aan dit proces zijn meerdere stappen toegevoegd en komt nu overeen met het ontwikkel- en goedkeuringsproces van vragen. Daarnaast is de nieuwe rol van ‘Vaststeller’ toegevoegd, bijvoorbeeld voor het enkel vaststellen van een toetsmatrijs.
  • Er zijn diverse uitbreidingen aan de toetsmatrix gedaan. De toetsmatrix is nu ook als dynamische toets te gebruiken en het is bijvoorbeeld mogelijk om op basis van de toetsmatrix lege vragen aan de vragenbank toe te voegen, op basis van de ingestelde leerdoelen en criteria. Deze lege vragen zijn dan meteen aan de juiste categorie en eventueel aan de juiste vraageigenschappen gekoppeld.
  • Bij het afnemen van toetsen waarin media wordt gebruikt, is het mogelijk om het aantal keer dat een mediabestand kan worden afgespeeld door de deelnemer, te limiteren  Hierdoor kan een kandidaat een videobestand bijvoorbeeld maar 2 keer bekijken en wordt deze daarna geblokkeerd. Daarnaast kan een kandidaat tijdens de toets in casusteksten tekst markeren met verschillende kleuren en er opmerkingen bij plaatsen.
  • Bij oefeningen en oefentoetsen met open vragen is het nu mogelijk dat de kandidaat deze zelf nakijkt. Dit is ook te combineren met een correctieronde, welke door een corrector nagekeken moet worden.
  • De nakijkpagina is voorzien van paginering, markeringsopties en filters, waardoor de corrector makkelijk kan wisselen naar kandidaten die nog niet zijn nagekeken en/of waar hij/zij een markering bij heeft geplaatst.
  • De corrector heeft tijdens het nakijken de optie gekregen, om eerder gebruikte feedback in het tekstveld bij de ene kandidaat, eenvoudig te kunnen hergebruiken bij het nakijken van de resultaten van andere kandidaten, om zo sneller en efficiënter soortgelijke feedback te kunnen geven.
  • Nadat de toetsen zijn afgenomen en de resultaten bekend zijn, bevat de analyse nu naast de cronbach’s alpha ook de ‘standaard meetfout’, om een idee te krijgen over de betrouwbaarheid van de toets.

Ben je benieuwd naar de volledige Release Notes, of wil je meer weten over RemindoToets, neem dan vooral even contact met ons op!


Op 16 april werd na een uitgebreide aanbesteding een overeenkomst getekend tussen directeuren van de Hogeschool Arnhem Nijmegen (HAN) en Paragin. Onderwerp van de schoolbrede aanbesteding was het contracteren van een online inlever- en beoordelingsplatform voor summatieve toetsproducten. Het platform van Paragin bleek na een gedegen proces de beste oplossing.

Vanaf september 2019 starten de eerste 8.000 studenten verdeeld over 16 opleidingen, met de nieuwe inlever- en beoordelingsapplicatie. Vervolgens zullen later in het schooljaar de overige 22.000 studenten en alle opleidingen van de HAN ermee aan de slag gaan. Binnen de applicatie kunnen individuele en groepsproducten ingeleverd worden door studenten, welke door één of meerdere beoordelaars beoordeeld kunnen worden. De applicatie biedt uitgebreide feedbackmogelijkheden, beoordelaars zien een duidelijk overzicht van de te beoordelen producten en krijgen inzicht in de voortgang van de studenten. Daarnaast zijn er koppelingen gemaakt met onder meer de plagiaatsoftware SimCheck van Turnitin en het studentinformatiesysteem Aluris.

Hogeschool Arnhem Nijmegen en Paragin werken al langer samen binnen verschillende Paragin-producten, onder meer voor peerfeedback, beoordelen en archivering. We zijn blij om ook te kunnen ondersteunen bij het inleveren en beoordelen van sunmmatieve toetsproducten!


Tijdens de training van deze maand stond het normeren in RemindoToets centraal.

Uit een toets komen scores, maar hoe geef je nu betekenis aan die scores? Wanneer is het een 5,5, is dat altijd bij 55% van de te behalen punten? De deelnemers kwamen er achter dat daar iets meer bij komt kijken: “Opfrissen van cesuurkennis, beter inzicht in hoe Remindo omgaat met cesuur” en “veel stof om over na te denken”, waren de reacties vanuit de evaluatie.

 

 

 


Op 15 december wordt release 18-3 van RemindoToets uitgerold, voor alle RemindoToets gebruikers. De afgelopen maanden hebben we onder andere gewerkt aan groot onderhoud aan de fundamenten van RemindoToets. De huidige versie van RemindoToets viert dit jaar zijn 8-jarige bestaan en hoewel RemindoToets altijd goed onderhouden is, is in de tussentijd de stand van de techniek aardig veranderd. Met deze update brengen we de achterkant van RemindoToets weer helemaal up-to-date.

Dit biedt de voordelen dat RemindoToets sneller werkt, nog stabieler wordt, nog veel beter geautomatiseerd te testen is, fouten makkelijker preventief kunnen worden geïdentificeerd en voorkomen, en updates makkelijker en sneller kunnen worden uitgerold. In de dagelijkse praktijk zal dit geen directe invloed hebben op de manier hoe gebruikers met RemindoToets werken, maar we hebben hiermee een heel een grote stap gezet zodat het ontwikkelen van nieuwe features en mogelijkheden de komende jaren nog voorspoediger gaat lopen.

Hiernaast is gewerkt aan een aantal mooie toevoegingen, bijvoorbeeld de mogelijkheid om kandidaten de toets al te laten starten voordat het toetsmoment officieel is begonnen. De kandidaat ziet de tijd aftellen tot de daadwerkelijke start van het toetsmoment. De berekening van de resterende tijdsduur kan nu ook aangepast worden, er kan gekozen worden dat er berekend wordt vanaf de start van het toetsmoment of de start van de individuele toets.

Daarnaast is er een nieuwe optie om een toetsmoment gezamenlijk te starten. Een toezichthouder bepaalt dan met één druk op de knop dat het toetsmoment voor alle kandidaten gestart wordt in plaats van gebruik te maken van een vastgestelde starttijd welke het toetsmoment opent.

Het proces van het verwerken van papieren toetsen met open vragen is geoptimaliseerd, er kan nu bijvoorbeeld direct een correctieronde worden aangemaakt.
Daarnaast zijn in de beheeromgeving bijvoorbeeld nog meer opties beschikbaar om het husselen van vragen en regels in te stellen in de toetsmatrijs, zodat nog preciezer de toets er uit komt die u uit RemindoToets wilt hebben.

Benieuwd naar alle nieuwe toevoegingen? Neem dan even contact met ons op!


Kinderen, jongeren en volwassenen; bij iedere generatie is hij populair, gaat hij overal mee naar toe en is men vaak niet meer zonder hem te zien: de mobiele telefoon!
Het mobieltje gaat vaak ook mee naar school, of dit nou het basisonderwijs, middelbaar onderwijs, hoger onderwijs of volwassenenonderwijs is.

Sommigen zijn van mening dat een mobiel niet samengaat met leren en deze dus verboden moet worden op school. Een mobiel zou voor afleiding van het leerproces zorgen en de telefoon kan bovendien gebruikt worden voor online roddelen en cyberpesten.
Maar is het totaal verbieden van het gebruik van een mobiele telefoon op school dan dé oplossing voor de bovenstaande problemen?

Het antwoord hierop lijkt ‘nee’. Ook een laptop of tablet, die steeds vaker ingezet wordt in het onderwijs, kan worden gebruikt voor het maken van foto’s filmpjes en ongewenste online activiteiten. Ook lijkt het niet zo te zijn dat het thuislaten van een mobiel ervoor zorgt dat studenten niet meer afgeleid zijn. Uit onderzoek van Moeller (2012), bleek dat studenten die voor 24 uur vrijwillig hun telefoon thuis lieten, gevoelens ervaarden van stress en eenzaamheid. Bovendien waren hun gedachten onopzettelijk bij de berichtjes die ze zouden willen schrijven en belangrijke telefoontjes die ze zouden kunnen missen.
Naast deze onopzettelijke afleiding, toont onderzoek van Drozdenko (2012) aan, dat studenten ook opzettelijk naar andere afleiding gaan zoeken, wanneer ze hun mobiel niet bij zich mogen hebben én de lesstof te moeilijk is.
Als verbieden niet het gewenste effect heeft, kunnen we dan juist iets positiefs uit het gebruik van de mobiele telefoon halen?

We leven in een tijd waarin de leef- en leerwereld van mensen steeds digitaler wordt en de student meer centraal komt te staan. Om onderwijs aan te laten sluiten bij de behoeften en interesses van de student, kan een mobiel wellicht juist een toevoeging bieden. Als docent kun je online extra materiaal aanbieden naar behoefte van de student. Video’s, links naar interessante informatie, opdrachten en tips kunnen beschikbaar gemaakt worden, om voor extra uitdaging en informatie te zorgen.
Wanneer je wilt dat de interesse wordt gewekt voor actieve kennisverwerving, kun je de student ook stimuleren op de mobiel extra materialen op internet te vinden. Video’s en afbeeldingen zijn natuurlijk veel aantrekkelijker dan droge stof. Geef de studenten een interessant onderwerp en waar nodig extra sturing en laat ze hier zelf, of samen met anderen, meer over te weten komen met behulp van de telefoon. Denk bijvoorbeeld aan het lesthema ‘De eetbare natuur’, met de opdracht om er achter te komen wat wel en niet eetbaar is in de natuur, door actief in de natuur te zoeken naar eetbare en niet eetbare dingen, waarvan foto’s gemaakt kunnen worden met de telefoon en eventueel meer informatie opgezocht kan worden.

In combinatie met een duidelijk beleid met betrekking tot het smartphonegebruik op school, zouden er van de voordelen gebruikt gemaakt kunnen worden en worden de nadelen beperkt. Met een duidelijk beleid weten de studenten waarom specifieke regels er zijn en kunnen zij als ‘smartphone experts’ ideeën inbrengen om ermee te leren. De kans op naleving van het beleid wordt hierdoor ook vergroot.

 

Bronnen:
Drozdenko, R., Tesch, F., & Coelho, D. (2012). Learning styles and classroom distraction: A comparison of undergraduate and graduate students. Proceedings of the 19th ASBBS Annual Conference, 19(1), 268-277
Moeller, S., Powers, E. & Roberts, J. (2012). The world unplugged and 24 hours without media: Media literacy to develop self-awareness regarding media. Communicator, 20(39), 45-52. doi:103916/c39-2012-02-04


Examen doen is voor iedereen spannend. Het scheelt dan al enorm, wanneer je je geen zorgen hoeft te maken om files, je niet hoeft te reizen naar een onbekende locatie en je vriendelijk en professioneel ontvangen wordt voor je examen.
Bij Hoffelijk financieel wordt hiervoor de Examenbus ingezet!

Om financieel adviseurs te ontzorgen bij het afleggen van hun Wft-examens, startte Hoffelijk Financieel in 2015 met de Examenbus. Een luxe touringcar, ingericht met twintig examenplekken die voldoen aan de (wettelijke) eisen van diverse examenstelsels en die voorzien is van airco, een stabiele en beveiligde internetverbinding, een rolstoellift en schermen tegen zonlicht en afleiding van buiten. De chauffeurs zijn tevens gecertificeerd toezichthouders en verzorgen het afnemen van het examen tot in de puntjes.

Inmiddels doet de Examenbus ook dienst buiten de financiële sector. Er staan zowel vaste als wisselende locaties op de dienstregeling en er worden toetsen afgenomen onder andere met RemindoToets.

Nieuwsgierig naar hoe examineren in de Examenbus er uitziet? Kijk hieronder voor een mooie impressie!


Toetsen analyseren is een hele uitdaging. In RemindoToets zijn allerlei analyse-gegevens zichtbaar, die informatie geven over de kwaliteit van de afgenomen toetsvragen en toetsen. Maar wat zegt nou een P-, a-, rir– of rar-waarde, de Cronbachs alfa of de frequentieverdeling?

Daarom hebben we in de training van oktober aandacht besteed aan Toetsanalyse in RemindoToets. Samen met de deelnemers van de training is op basis van een casus een toetsanalyse uitgevoerd. Dat was nog niet eenvoudig, maar we kwamen eruit.

Dit waren enkele van de reacties van de deelnemers:

De training is een mooi begin om zelf met toetsanalyse aan de slag te gaan.

De training is een goede basis voor betere toetsanalyse, nu het geleerde in de praktijk brengen.

Was leuk!

Wil je meer weten over toetsanalyse? Kijk dan eens bij eerdere artikelen over dit onderwerp: ‘Rara, wat moet je met de rar-waarde‘ en ‘Toetsanalyse in RemindoToets‘. Wil je ook eens aanwezig zijn bij een training? Houd dan onze events goed in de gaten en schrijf je in voor de Paragin Update.

Neem contact met ons op wanneer je meer vragen hebt over dit onderwerp.