Er wordt een beslissing genomen over een aanpassing in het curriculum of een beleidsverandering in de school. “We gaan het anders doen”, is de boodschap. Hoe zorg je ervoor dat deze beslissing niet eindigt in ontevredenheid, geklaag binnen teams, tegenwerking van collega’s, ‘ja zeggen en nee doen’ en het afschermen van eigen werk. De oorzaak hiervan ligt niet altijd in de beslissing, maar vaak ook in manier waarop beslissingen worden genomen. Een ander besluitvormingsproces zou de redding kunnen zijn.

Iedere medewerker in een organisatie heeft een ander beeld. De schoolleiding, de docenten of de conciërge: ze hebben allemaal een ander beeld van de school en van wat belangrijk is voor de school. Ten onrechte denken mensen in de bovenste lagen van de organisatie vaak dat ze zicht hebben op al deze perspectieven, maar de werkelijkheid kan hier erg van verschillen.

Dit betekent dat we van elkaar moeten leren en open moeten staan voor de informatie die de ander heeft. Hoe meer de beelden verschillen, hoe meer spanning dat oplevert. Dat voelt vaak onprettig en negatief, maar kan juist het startpunt zijn van een passende en creatieve oplossing, waar iedereen mee kan leven.

Besluitvorming vindt regelmatig lineair plaats. Het stroomt één richting uit: van leidinggevenden naar medewerkers. Dat zorgt soms voor weerstand in de organisatie, maar ook kan dit dat de organisatie minder makkelijk bestuurbaar maken. Er kan een beslissing worden genomen, maar we weten niet of het ook daadwerkelijk uitgevoerd wordt. Want hoe weet je of mensen iets gaan doen, wanneer je niet weet of ze erachter staan?

 

Cyclisch besluitvormingsproces

Een oplossing volgens Endenburg & Van der Meché is niet het uitbannen van het lineaire besluitvormingsproces, maar hiervan een cyclisch proces maken, waarin alle betrokkenen gelijkwaardig zijn.

In zo’n cyclisch besluitvormingsproces krijgt iedere organisatorische eenheid een eigen kring (bijvoorbeeld alle teams). Alle leden van de eenheid maken deel uit van de kring en daaraan wordt een afgevaardigde uit een naastgelegen kring toegevoegd.

De kring maakt beslissingen over het beleid voor hun eenheid. Beslissingen worden genomen op basis van het consentbeginsel. Dat betekent dat wanneer er ‘geen overwegend bezwaar’ is, de beslissing wordt genomen. Niet iedereen hoeft het er volledig mee eens te zijn en er is ook geen vetorecht. Iedereen wordt gevraagd bij bezwaren met argumenten te komen, zodat de deelnemers in de kring daarover een oordeel kunnen geven.

Er zijn kringen op verschillende niveau’s. Zo wordt bijvoorbeeld in de directiekring besloten om het curriculum aan te passen, maar in een andere kring wordt besloten met welke lesmethode er gewerkt gaat worden.

De kern van de besluitvormings-methode bestaat uit 4 principes:

  1. Het consent (er is geen overwegend bezwaar) bepaalt de besluitvorming;
  2. De organisatie wordt opgebouwd uit kringen. Besluitvorming voor beleid vindt plaats in deze kring, binnen de grenzen van de direct bovenliggende kring;
  3. Kringen zijn dubbel gekoppeld: elke kring is gekoppeld met een naastgelegen kring, door een leidinggevende en een afgevaardigde uit een andere naastgelegen kring toe te voegen.
  4. Er is een open verkiezing voor functies en taken binnen de kring.

Zo’n cyclisch besluitvormingsproces is niet alleen geschikt voor grote organisaties. Ook op kleinere schaal wordt het gebruikt om afspraken te maken. Bijvoorbeeld in gezinnen, door huisvergaderingen te houden over zakgeld of klusjes.

Bron: Endenburg, G., & van der Meché, P. Hoe geef je een lerende organisatie succesvol vorm?


Het samenstellen van een toets gebeurt vaak handmatig door de docent of de toetsontwikkelaar. Het is een tijdrovend en nauwkeurig werk. RemindoToets kan de vragen ook voor je selecteren. Waar moet je dan rekening mee houden?

Het samenstellen van een toets wordt vaak gedaan op basis van een toetsmatrijs. De inhoudsexperts bekijken deze toetsmatrijs en kiezen (of maken) hierbij de passende vragen. De vragen worden gesorteerd, met elkaar vergelijken en in een juiste volgorde geplaatst. Eventueel worden er direct meerdere versies van de toets gemaakt, waarbij gelet wordt op gelijke zwaarte. Wanneer iedere versie van de toets voldoet aan de vereisten en de beschrijving uit de toetsmatrijs, gaan de toetsen naar de vaststeller en worden ze afgenomen.

Het maken van goede vragen kost veel meer tijd dan het samenstellen van een toets. Maar toch is het de moeite waard om de werkwijze eens goed door te nemen. Waar kun je in dit proces de hulp van de software inzetten? Voor het samenstellen van een toets, maak je vaak gebruik van een expert. Is het samenstellen van de toets echt iets wat bij de inhoudsexpert thuis hoort? De tijd die je hebt met de inhoudsexpert kun je wellicht veel nuttiger inzetten.

Daarnaast kun je software ook gebruiken om het proces van toetsen samenstellen te verbeteren. Voor mensen is het mogelijk om bij het samenstellen van een toets rekening te houden met de moeilijkheid van de vraag, de inhoudsdimensie, het vraagtype en misschien nog de kwaliteit. Meer dan dat wordt heel lastig. Je kunt dat als mens bijna niet overzien.

Toets laten samenstellen door RemindoToets

Wanneer je de toets samenstelt met behulp van RemindoToets kun je dit nog gedetailleerder doen dan handmatig. Het is mogelijk om meerdere vraageigenschappen aan vragen toe te voegen, zoals een taxonomie-niveau, een onderwerp, maar bijvoorbeeld ook eventuele genderverschillen, zoals vragen die jongens meer aanspreken dan meisjes en andersom. Of vraaglengte, waardoor de toetsen ook qua leeswerk met elkaar vergelijkbaar zijn.

In RemindoToets heb je de beschikking over de toetsmatrix (toetsmatrijs op basis van een matrix). Wanneer je een toetsmatrix ontwerpt, kan RemindoToets automatisch een toets samenstellen, gebaseerd op de vereisten die omschreven staan in de toetsmatrix.

Daarna heb je de keuze om de geselecteerde vragen in de toets als vaste set aan te bieden. Hierdoor heb je vooraf precies in beeld welke vragen de kandidaten krijgen. Je kunt meerdere varianten laten samenstellen, waarmee je verschillende versies kunt afnemen, die gebaseerd zijn op dezelfde toetsmatrix.

Je kunt er ook voor kiezen om de toets ad random vragen te laten selecteren op basis van de toetsmatrix. Je bent er dan van verzekerd dat de vragen die worden gepresenteerd aan de kandidaten bij de vereisten in de toetsmatrix passen, maar je weet niet welke set vragen de kandidaten zullen krijgen.

Dit levert een aantal praktische voordelen op, zoals het voorkomen van spiekgedrag en je hoeft dan geen nieuwe toetsen meer samen te stellen. Maar het vermindert je zicht op de kwaliteit van de toets vooraf en je moet er zeker van zijn dat alle vragen goed gelabeld zijn. Zoals bijvoorbeeld de uitsluitingen: vragen die niet bij elkaar in één toets mogen komen, omdat ze bijvoorbeeld teveel op elkaar lijken.

Wanneer je RemindoToets de vragen laat selecteren, of dit nu in een vaste set gebeurt of ad random, is het van belang dat je achteraf de volgende twee zaken controleert:

    1. Worden vragen overgeslagen?
      Je kunt je toetsmatrix zodanig hebben ingesteld dat bepaalde vragen in de vragenbank nauwelijks worden ingezet. Dat is zonde. Het kost veel tijd en geld om die vragen te ontwikkelen en je wilt ze graag laten rouleren. Je kunt vaak door aanpassing aan de instellingen of het koppelen van een vraageigenschap deze vragen weer laten meedoen.
    2. Zijn er vragen die altijd worden gekozen?
      Het kan ook andersom gebeuren: de toetsmatrix is zo ingesteld dat sommige vragen altijd worden geselecteerd. Dat is ook onwenselijk, omdat het de exposure van je vraag vergroot. Hoe meer kandidaten deze vraag maken, hoe sneller de vraag ‘op straat’ bekend is. Ook hierbij geldt: kijk eens goed naar de vraageigenschappen en probeer handig om te gaan met de instellingen van de toetsmatrix.

Over het algemeen is het nuttig om bij flexibel samengestelde toetsen ervoor te zorgen, dat de vragenbank waaruit geput wordt groot is en goed gecategoriseerd. Wil je daar meer over weten? SURF heeft er een mooi handboek over gepubliceerd.

Gebruik maken van RemindoToets bij het samenstellen van de toetsen, zorgt ervoor dat je veel beter kunt aansluiten bij de toetsmatrijs en dat parallelle toetsen veel meer op elkaar lijken. En dat geldt natuurlijk niet alleen voor digitaal afgenomen toetsen. Ook bij de papieren toetsen van RemindoToets kun je hier gebruik van maken.

Bron: Drasgow, F. (2015). Technology and testing: Improving educational and psychological measurement. Routledge.


Toen Stichting Praktijkleren de overstap wilde maken van papieren naar digitale toetsen, werden verschillende toetsapplicaties bekeken en getest. Er werd gekozen voor RemindoToets en inmiddels is de pilotfase bijna achter de rug. We spreken Franca Zijlstra van Stichting Praktijkleren over haar ervaringen.

Stichting Praktijkleren ondersteunt roc’s door les- en examenmateriaal te ontwikkelen voor praktijkleren, binnen én buiten de school. Dat doen zij voor de sectoren Zakelijke dienstverlening, Veiligheid & Vakmanschap, ICT en Commercie van het middelbaar beroepsonderwijs, in nauwe samenwerking met de roc’s.

De wens ontstond om de kwaliteit van de examens te verhogen door middel van toets- en itemanalyse, het examenproces beter te beveiligen en de administratieve lasten te verlagen van zowel de eigen organisatie als de roc’s. Hierdoor werd besloten om een overstap te maken van examens op papier naar digitaal examineren.

 

Waarom is de keuze gemaakt om te gaan werken met RemindoToets?

Franca: “Bij het digitaliseren van alle processen rondom examineren, komt een hoop kijken. Doordat we al wat ervaring hadden opgedaan met diverse pilotafnames, konden we de verschillende aspecten van ons interne constructieproces en het afnameproces op het roc vertalen naar een uitgebreide eisen- en wensenlijst. Deze lijst hebben we vervolgens aan verschillende leveranciers van toetssystemen voorgelegd. Wat direct opviel aan Remindotoets, was hoe compleet het systeem al was. Alle noodzakelijke functionaliteiten (onze musthaves) waren aanwezig en dat was lang niet bij alle systemen het geval.

Opvallend in het contact met Paragin, was de mate waarin zij met ons mee wilden denken. Ook als zij ons een ‘nee, dat kan (nog) niet’ moesten verkopen, werd er meegedacht over alternatieve opties. Daarnaast werd de aard van onze vraag uitgebreid onderzocht: waarom hadden we deze functionaliteit nodig, wat wilden we daarmee bereiken? Als nieuwe gebruiker ben je nog niet volledig op de hoogte van alle mogelijkheden die de software te bieden heeft en dus is het extra belangrijk dat een leverancier kritisch met je meekijkt.

Om een systeem zowel intern als extern ‘over de bühne’ te krijgen, is het van groot belang dat het gebruiksvriendelijk en intuïtief is. Zowel onze eigen medewerkers als de gebruikers op de roc’s moeten er op een prettige en eenvoudige manier mee kunnen werken. Onze eerste korte test met de verschillende systemen bestond daarom uit het construeren en samenstellen van een toets en het inplannen, maken en beoordelen van diezelfde toets in een afnameomgeving. Onze insteek was dat dit zou moeten lukken zonder handleidingen en zonder ondersteuning van een supportdesk. RemindoToets kwam als enige systeem met vlag en wimpel door deze test heen. Na deze eerste positieve ervaringen besloten we dan ook met RemindoToets een proof of concept uit te voeren.”

 

Hoe verliep de implementatie van RemindoToets?

Franca: “Voor elke stap in het proces – van constructie van het examen tot de examenafname op het roc – hebben we met de gebruikers getest of voor hun specifieke taak alle benodigde voorwaarden aanwezig waren in het systeem. In de praktijk loop je namelijk tegen andere dingen aan dan je van tevoren kunt bedenken. Alle betrokkenen hebben ons van uitgebreide feedback voorzien en dit hebben wij vervolgens meegenomen in de gesprekken met Paragin. De ervaringen waren zo positief, dat we direct een contract voor een pilotjaar hebben afgesloten.

De pilot zijn we gestart met één opleidingsgebied, waarvan de kennisexamens uitsluitend gesloten vragen bevatten. ‘Eerst maar eens een afgebakende test met gesloten vragen succesvol laten verlopen, voordat we met de rest van de opleidingsgebieden en open vragen beginnen’, was onze gedachtegang.

Omdat dit opleidingsgebied toevallig ook net een nieuw kwalificatiedossier kreeg en wij aan de start stonden van het construeren van nieuwe examens, hebben we in overleg met de betreffende roc’s besloten om die constructie direct digitaal te laten plaatsvinden. Naast dat dit de uiteindelijke implementatie zou bespoedigen, was onze verwachting ook dat dit extra waardevolle ervaringen en inzichten op zou leveren tijdens de pilot. We moesten immers de gehele beheeromgeving al inrichten, passend bij onze processen en bij de vorm en inhoud van onze examens.

Dit is iets wat in één keer goed moet gebeuren en hierbij heeft Paragin ons dan ook begeleid en uitgebreid geadviseerd. Denk aan het indelen van je opleidingen, vragenbanken, rollen en rechten en de instellingen van zowel de beheeromgeving als de afnameomgevingen. Dat was overigens ook één van de doorslaggevende factoren in onze keuze voor RemindoToets: de mogelijkheid tot een afnameomgeving per roc en het kunnen aanpassen van instellingen aan schoolspecifieke situaties. Geen roc is immers hetzelfde dus het is prettig dat zij bepaalde instellingen zelf kunnen beheren en dat RemindoToets deze flexibiliteit biedt.

Tijdens de pilot heeft RemindoToets zich als betrouwbaar systeem bewezen, waar de roc’s goed mee uit de voeten konden. Hierdoor konden we al snel de andere opleidingsgebieden uitrollen (inclusief examens met open vragen) en de pilot gebruiken om overige zaken te testen die bij het digitaliseringsproces komen kijken. Denk bijvoorbeeld aan handleidingen, instructiefilmpjes en trainingen voor zowel de interne als de externe gebruikers; ook die wil je graag getest hebben voordat ze officieel deel uit gaan maken van je trainingsaanbod.”

 

Hoe hebben jullie RemindoToets uitgerold richting de roc’s?

Franca: “Bij een overgang van papier naar digitaal is het belangrijk dat je de gebruikers intensief betrekt. Daarom hebben we naast het geven van presentaties, workshops en trainingen ook diverse bijeenkomsten georganiseerd voor docenten, managers, examenbureaus, beleidsmedewerkers en examencommissies.

Veel besproken thema’s waren onder andere het vaststellen van examens, inzagerecht, het archiveren van resultaten, koppelingen met leerling administratiesystemen en een hele belangrijke: beveiliging, zeker in combinatie met BYOD (Bring Your Own Device).

Daarnaast hebben we een aparte werkgroep in het leven geroepen, waarmee we specifiek de business case van digitaal toetsen hebben besproken. Wat zijn de kosten en baten van digitaal toetsen, zowel kwantitatief als kwalitatief?
Het doel van deze bijeenkomsten was om te informeren, input op te halen en om samen helder te krijgen wat er allemaal nodig is om de overgang van papier naar digitaal te kunnen maken (en op welke termijn).
Uiteindelijk hebben we besloten dat we verder gaan met RemindoToets.

Gedurende het schooljaar 2020-2021 maken de digitale kennis- en vaardigheidsexamens onderdeel uit van ons reguliere aanbod, maar hebben scholen nog de keuze hebben of ze onze papieren examens of digitale examens willen gebruiken. Voor ons kleeft hier een echter een groot nadeel aan; namelijk dat van dubbel onderhoud. Je laat in feite twee processen naast elkaar bestaan, wat foutgevoelig, arbeidsintensief en niet efficiënt is. We merkten echter dat veel scholen het niet zouden redden om op tijd klaar te zijn voor deze digitalisering en we vonden dat we die geluiden serieus moesten nemen.”

 

Hoe zijn jullie ervaringen met Paragin?

Franca: “Tijdens dit gehele proces hebben we nauw contact gehad met Paragin, waarbij ze intensief met ons hebben meegedacht en zowel onze feedback als dat van onze gebruikers zeer serieus hebben genomen. De supportdesk was zeer goed bereikbaar en de drempel om contact op te nemen en om advies te vragen hebben we als zeer laag ervaren. Daarnaast was het erg fijn dat ze ons in contact konden brengen met andere gebruikers, zodat we ook met hen eens van gedachten konden wisselen.

We hebben Paragin eigenlijk niet alleen als leverancier, maar ook als samenwerkingspartner ervaren. Een gedreven partner die met veel enthousiasme met verschillende partijen samenwerkt én veel ervaring heeft in het MBO. En dat zie je terug in hun software.”

 

Ben je ook benieuwd naar de mogelijkheden van RemindoToets? Neem dan vooral even contact op. We informeren je graag!


RemindoToets release 20-3 is deze week online gekomen voor alle gebruikers! Hierin hebben we een aantal mooie nieuwe toevoegingen opgenomen, die we de ‘Corona-release’ zijn gaan noemen.

Er is een viertal veelgevraagde toevoegingen opgenomen in deze release, die specifiek van pas komen in de huidige crisis. We zijn er trots op hiermee onderwijsinstellingen, examenaanbieders en opleiders te mogen helpen bij het vormgeven van nieuwe en aangepaste vormen van onderwijs, beoordelen en examineren.

Zo is er plagiaatcontrole toegevoegd, in samenwerking met Turnitin. Met deze toevoeging kan direct gecontroleerd worden of het werk van de kandidaat overeenkomsten heeft met dat van andere studenten óf met teksten van het internet.

Ook is het nu mogelijk om op afstand videotoezicht te houden op tijdens een toets of examen. Dit kan met behulp van ProctorExam of Proctorio.

Verder is de mogelijkheid toegevoegd om te voorkomen dat deelnemers kunnen terugbladeren in een toets, en de optie tot het versturen van mededelingen naar kandidaten tijdens de toetsafname.

Wil je meer informatie over deze nieuwe functionaliteiten, of ben je benieuwd naar de overige toevoegingen binnen RemindoToets? We informeren je graag!


Wat motiveert ons en hoe kunnen we onze medewerkers motiveren? Met die vraag houden we ons al jaren bezig.
Voor de beantwoording van die vraag wordt vaak de theorie van Maslow gebruikt. Zijn behoeftepiramide geeft aan waar je moet beginnen: eerst de fysiologische behoeften en na een aantal andere lagen, kunnen we het maximale verwachten van onze medewerkers: zelfontplooiing en persoonlijke groei. Maar klopt dat eigenlijk wel? Kun je jezelf pas ontwikkelen wanneer aan al je fysiologische, veiligheids- en sociale behoeften is voldaan?

Maslow’s piramide kom je overal tegen. In het onderwijs wordt het gebruikt om docenten te leren, dat het belangrijk is om te werken aan veiligheid en groepsprocessen in de klas.
In het bedrijfsleven staat het aan de basis van managementstijlen, waarmee wordt gefocust op sociale en erkenningsbehoeften.

De theorie van Maslow wordt meestal getoond als een piramide en kent 5 lagen. Deze lagen staan symbool voor de verschillende behoeften waarmee het gedrag van mensen wordt beïnvloed. Het betreft een hiërarchisch model. Dat betekent dat eerst aan de onderste laag voldaan moet worden, voordat men in staat is te werken aan de laag erboven.

Het gaat om de volgende behoeften:

  1. Fysiologische behoeften: alle behoeften waarmee je in leven blijft, zoals eten, drinken, slaap en ontspanning.
  2. Veiligheidsbehoeften: de behoefte aan veiligheid, zekerheid en bescherming.
  3. Sociale behoeften: de behoefte om ergens bij te horen, de behoefte aan contact met mensen.
  4. Erkenningsbehoeften: de behoefte aan waardering en respect, aan status.
  5. Zelfactualiseringsbehoeften: de behoefte aan kennis en wijsheid om tot persoonlijke groei te kunnen komen.

Wanneer je van medewerkers verwacht zichzelf maximaal te ontplooien en je hoopt dat ze deze ontwikkeling inzetten binnen hun functie, moet je volgens Maslow eerst werken aan de 4 basisbehoeften: fysiologische, veiligheids-, sociale en erkenningsbehoeften.
Eerst het salaris, een veilige werkomgeving, een leuk team voor de sociale contacten, de waardering en daarna komt pas de creativiteit, de zelfontplooiing en het probleemoplossend vermogen.
Vanaf de publicatie van de behoeftetheorie van Maslow is hier al veel kritiek op geweest. Toch wordt het nog vaak aangehaald. Het klinkt ook logisch: wanneer je niet zeker weet waar je die nacht kunt slapen, zal je niet direct de behoeften hebben aan het starten met een studie of het lezen van een educatief boek.

In 2011 deden een aantal wetenschappers in Illinois een ultieme poging de behoeftepiramide van Maslow te onderzoeken. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat het vervullen van verschillende typen behoeften, zoals Maslow die beschrijft, nodig is voor een gevoel van geluk. Maar de volgorde waarin deze behoeften worden vervuld hebben daar geen effect op. Dat betekent dat de theorie van Maslow grotendeels juist is. Maar ook werd ontdekt dat mensen wel in staat zijn te werken aan sociale contacten en zelfontplooiing, wanneer hun veiligheids- en fysiologische situatie verre van ideaal is.

Daarnaast viel op in de onderzoeksresultaten, dat ook de behoeftevervulling van mensen in je omgeving een effect heeft op hoe gelukkig jij je voelt. Dus hoe tevreden mensen zijn over hun leven is niet alleen afhankelijk van hun persoonlijke behoeften, maar ook van die van anderen.

Bron: Alblas, G., & Wijsman, E. (2013). Gedrag in organisaties. Noordhoff.


Als eerste kwalificatie in de sector handel, is het branchecertificaat ‘Winkelmedewerker’ op NLQF niveau 1 ingeschaald. Met deze kwalificatie van KCH kunnen scholen in het voortgezet speciaal onderwijs en praktijkonderwijs, hun leerlingen een certificaat laten behalen op mbo 1 niveau. Ook leerlingen met een afstand tot de arbeidsmarkt kunnen met dit certificaat hun vaardigheden aantonen.

Niet alleen voor de leerlingen en de scholen is dit van meerwaarde: ook KCH is erg blij met de succesvolle inschaling.

Het branchecertificaat is met deze inschaling aantoonbaar gelijkwaardig aan het mbo-niveau 1. De toekenning geeft meerwaarde aan het branchecertificaat voor de leerling, de school en het bedrijfsleven. Met het certificaat ‘Winkelmedewerker’, voorzien van het NLQF 1 logo, is het voor toekomstig werkgevers direct duidelijk welke vaardigheden de leerling beheerst. Zo vergroten de leerlingen hun kansen op de arbeidsmarkt, nu en in de toekomst.

Wat is dat eigenlijk, NLQF?

NLQF is een kader voor het bepalen en inschalen van allerlei kwalificaties en opleidingen, van basiseducatie tot doctoraat. Ook bedrijfsopleidingen en meerjarige avondstudies kunnen ermee ingeschaald worden, zodat op een eenduidige manier het niveau is vastgesteld en met elkaar vergelijkbaar wordt.

Een inschaling biedt geen informatie over de geleverde studie-inspanning, of de inhoud van de opleiding of het certificaat, maar over het niveau waarop men iets kan en weet, wanneer een bepaald leerproces is afgerond.

Door koppeling van het nationale kwalificatieraamwerk NLQF, aan het Europees Kwalificatieraamwerk (EQF), kunnen kwalificaties uit 39 Europese landen met elkaar vergeleken worden.

Nationale en internationale kwalificaties, diploma’s en certificaten kunnen zo eenvoudig op niveau vergeleken worden. Het kwalificatieraamwerk helpt mensen makkelijker aan te tonen op welk niveau ze werken. Dit biedt meer zekerheid voor werkgevers, werknemers, studenten en opleiders.

Acht niveaus

NLQF kent acht niveaus en één instroomniveau. Hoe hoger het niveau, hoe meer verdiepte kennis, complexere vaardigheden, verantwoordelijkheid en zelfstandigheid vereist is om op dit niveau geplaatst te worden.
Zo is de havo bijvoorbeeld ingeschaald op NLQF niveau 4 en zijn hbo-opleidingen en universitaire masteropleidingen op NLQF niveau 7 ingeschaald.

Het niveau van een kwalificatie wordt vastgesteld aan de hand van beschrijvingen, van wat iemand weet en kan na voltooiing van het leerproces, de complexiteit en de mate van zelfstandigheid, ongeacht waar deze zijn doorlopen. Om dit te beoordelen moet een kwalificatie in leerresultaten beschreven worden, waarin het niveau van kennis, vaardigheden en verantwoordelijkheid en zelfstandigheid zijn beschreven.

NLQF in de praktijk: een paar vragen aan Marijke Backx van KCH.

Al ruim 15 jaar maakt KCH met een groot aantal scholen in het voortgezet speciaal onderwijs en praktijkonderwijs, het branchecertificaat ‘Winkelmedewerker’ mogelijk. Het examenportfolio hiervoor is ingericht in het ePortfolio-platform van Paragin, waar zo’n 100 scholen hun eigen schoolomgeving hebben, om de resultaten van hun leerlingen vast te leggen en ter beoordeling in te dienen.

We spraken met Marijke Backx, naast directeur van examenaanbieder ESS Examenservices, ook directeur van KCH, over NLQF en het branchecertificaat ‘Winkelmedewerker’.

 

Wat betekent het voor de leerlingen en voor toekomstige werkgevers nu de ‘Winkelmedewerker’ ingeschaald is volgens NLQF?

“Voor leerlingen en medewerkers die dit certificaat behalen is dit van grote meerwaarde. Zij tonen hiermee aan, dat zij op mbo 1 niveau werken. Zo vergroten zij hun kansen op de arbeidsmarkt, nu en in de toekomst. Voor (toekomstig) werkgevers is het, aan de hand van het certificaat ‘Winkelmedewerker’, voorzien van het NLQF 1 logo, duidelijk op welk niveau een medewerker kan worden ingezet.

De branche, de scholen en de leerlingen zijn zeer positief over deze inschaling. De doelgroep verdient het dat hun vaardigheden en talenten gewaardeerd worden op het juiste niveau. Zij hebben een belangrijke plaats op de arbeidsmarkt. Het werk van de winkelmedewerker is van vitaal belang voor de samenleving.

Het KCH branchecertificaat is met deze inschaling aantoonbaar gelijkwaardig aan het mbo-niveau 1. De toekenning geeft meerwaarde aan het branchecertificaat voor de medewerker en het bedrijf.
In vervolg op deze inschaling zal KCH ook een aanvraag indienen voor andere kwalificaties, waarvoor een certificaat binnen ons digitale portfolio te behalen is.“

 

Wat vroeg het van jullie vanuit KCH om ‘Winkelmedewerker’ ingeschaald te krijgen? Was het een complex traject om te doorlopen?

“KCH biedt een digitaal portfolio (van Paragin) en assessment, voor het aantonen van de prestatiestandaard. Een opleider of school begeleidt een medewerker in het proces.
De branche heeft al haar stempel gezet op dit certificaat, met het praktijkdeel uit het entreedossier. In lijn met deze ontwikkelingen hebben wij een formele waardering van ons branchecertificaat aangevraagd bij het NCP NLQF.

Deze organisatie is aangesteld om het niveau van kwalificaties te controleren en in te schalen in het Nederlands Kwalificatieraamwerk NLQF.
Voor de aanvraag bij het NLQF hebben we een organisatie-, proces- en een productonderdeel doorlopen.

Doordat KCH werkt met een kwaliteitshandboek en we nauw aangesloten zijn bij ESS Examenservices, kennen we de werkwijze van audits en certificeringstrajecten. Bovendien heeft Els Kranen, als projectleider van deze aanvraag, haar expertise vakkundig ingezet.
Voor het traject van inschaling is het van belang dat je thuis bent in de materie van het aantonen van processen en de kwaliteit van producten.

Het NCP NLQF gaat grondig te werk bij het beoordelen van de validiteit van de organisatie en de beschrijving en uitwerking van de kwalificatie. Het doorlopen van dat beoordelingstraject vraagt een heldere visie en onderbouwde werkwijze van de organisatie en een duidelijke beschrijving van de inhoud van de kwalificatie en de examinering. Dit vergt zeker een inspanning van de aanvrager, in dit geval KCH.

Maar het is ook waardevol. Je moet je zaakjes goed op orde hebben om deze inschaling te kunnen verkrijgen. Ook dat draagt bij aan de waarde van het certificaat van de deelnemer. En dat is waar het uiteindelijk om draait.“

 

Heb je tips voor andere organisaties die ook nadenken over inschaling volgens NLQF? Zijn er aandachtspunten of valkuilen waar je andere organisaties over kunt adviseren?

“Het Nationaal Coördinatiepunt NLQF is zeer bereid om mee te denken met organisaties, die zich willen laten valideren en/ of een inschalingsverzoek willen indienen. Wij hebben zelf meerdere malen contact gehad, wat zeker waardevol was voor het succesvol doorlopen van het traject. Dit raden wij andere organisaties dan ook aan: zoek vanaf het begin contact met hen, zij helpen je verder op weg.“

 

KCH en ESS werken al jaren samen met Paragin, naast de portfolio’s voor ‘Winkelmedewerker’ en andere portfolioprojecten ook op gebieden als examinering en kennistoetsing. Hoe bevalt deze samenwerking?

“Paragin en KCH en ESS werken inderdaad al heel veel jaar samen. En dat is niet voor niets. Eerlijk gezegd hebben we wel eens onderzoek gedaan bij een andere leverancier, maar we vinden de kwaliteit en wijze van samenwerking die Paragin levert niet terug bij de andere aanbieders.

Paragin denkt naast het digitale aanbod ook onderwijskundig mee. Dat heeft meerwaarde voor ons als ontwikkelaars, maar ook voor de gebruikers van de producten. Gebruikers zijn zelfs wel eens bij gesprekken met Paragin aanwezig. Bovendien is het mooi dat de digitale omgeving door Paragin aangepast wordt aan de gebruiker: iedere school herkent zijn eigen beeldmerk en kleuren.

ESS is op dit moment volop bezig met het leveren van digitale theorie- en praktijkexaminering voor het mbo. Hierin wordt nauw samengewerkt met Paragin. De Corona-crisis geeft een boost aan het digitaal werken. Gelukkig is er afgelopen jaren geïnvesteerd door Paragin en ESS in de digitale producten en processen.
Co-creatie, deskundigheid en vertrouwen zijn de kernwaarden van KCH en ESS. Deze kernwaarden komen alle drie duidelijk terug in de samenwerking met Paragin.“


Om studenten een betere kans van slagen te geven, moet er vaker feedback gegeven worden. Daarom worden steeds vaker formatieve toetsen afgenomen, die informatie geven over de vaardigheid van de studenten. Helaas heeft deze aanpak volgens Dochy (2018), Expert Learning & Development, tot nu toe weinig gebracht. Formatieve toetsen leveren maar weinig feedback op én de scores worden in de praktijk zelfs gebruikt om tot een summatieve beoordeling te komen. Daar moet volgens Filip Dochy verandering in komen. Hij ziet de formatieve toets het liefst helemaal verdwijnen. Een prikkelende stelling, die we graag nader onderzoeken.

Verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat veel summatief toetsen een negatief effect heeft op de studenten. Studenten ervaren veel stress, leren specifiek wat er nodig is om de toets te halen, beginnen met leren vlak voor de toets, en volgen examentrainingen om beter te scoren. Het risico van summatieve toetsen is dat ze het ‘oppervlakkig leren’ vergroten.

Volgens Dochy is toetsen vooral bedoeld om inzichtelijk te maken wat het niveau van de student op dat moment is, zodat er effectief feedback gegeven kan worden en gewerkt kan worden naar een ontwikkeling die nodig is voor bijvoorbeeld het beroep wat men wil gaan uitvoeren. Het hoofddoel van de toets zou het verbeteren van het leren moeten zijn. Dat betekent dat het toetsen een onderdeel wordt van de ‘gewone’ lessen. Je toetst de student, zodat hij ervan kan leren. Het ultieme doel is dat de toets op zich al een leerervaring zou kunnen zijn.

Dat betekent dat je volgens Dochy het beste zoveel mogelijk beoordeelt tijdens het leerproces. Bijvoorbeeld met behulp van een portfolio dat gedurende de opleiding wordt opgebouwd of een persoonlijk ontwikkelplan. Ook tools als 360° feedback, peer feedback en samenwerkend toetsen, zijn geschikte manieren om tot inzicht te komen over de voortgang van studenten, terwijl er tegelijkertijd geleerd wordt.
Maar hoe komen we tot het ‘toetsen om van te leren’? Dochy geeft hiervoor een twee tips:

  • Maak van een toetsmoment een leerervaring
    De toets is een instrument dat je helpt om te zien waar de student nu staat. Leren en toetsen zou daarom veel meer geïntegreerd moeten worden. Bekijk de huidige toetsen en bedenk hoe je daar een leerervaring van kunt maken. Een voorbeeld is het toepassen van samenwerkend leren. Iemand maakt eerst zelfstandig een toets en gaat dezelfde toets daarna nogmaals doen in teamverband.
  • Verzamel informatie waarmee je het leerproces kunt stimuleren.
    Verminder het aantal toetsen en geef minder cijfers. Gebruik werk dat de student levert gedurende de opleiding als input voor feedback. Gebruik zelf-assessments en peer feedback. Geef de student continue feedback over zijn voortgang.
    Toetsen wordt volgens Dochy veel te vaak gezien als een zelfstandig naamwoord. ”Toetsen is een werkwoord. Toetsmomenten moeten omgevormd worden tot leermomenten en we moeten veel minder toetsen.”

Interessant? In dit filmpje geeft Dochy zelf uitleg over zijn ‘assessment for learning’.

Bron: Dochy, F., & Segers, M. (2018). Creating impact through future learning: The high impact learning that lasts (HILL) model. Routledge.


Afgelopen maand was het weer tijd voor een surveillance audit door Lloyd’s Register, in het kader van onze ISO 27001 certificering. 

Veiligheid van onze systemen en de data die gebruikers hierin opslaan, is een enorm belangrijk onderwerp binnen Paragin. Er zijn dan ook tal van maatregelen, procedures en richtlijnen opgesteld om te zorgen voor een zo optimaal mogelijke veiligheid, betrouwbaarheid en beveiliging.

Sinds 2015 is Paragin ISO 27001 gecertificeerd. ISO 27001 is de internationale norm voor informatiebeveiliging en dé standaard voor het opzetten en implementeren van het ISMS (Security Management System). Dit systeem beschrijft alle genomen maatregelen, procedures en richtlijnen en wordt regelmatig geaudit door een externe organisatie. Lloyd’s Register Quality Assurance (LRQA) voert deze audits voor Paragin uit en beoordeelt hiermee de opzet, het bestaan en werking van het Managementsysteem.

Hoewel we natuurlijk dagelijks blijven werken aan dit onderwerp, zijn we heel blij met de uitslag van de audit die in april werd uitgevoerd: de auditor heeft geen enkele onvolkomenheid aangetroffen in ons ISMS en in hoe we onze processen hebben ingericht en borgen. Daar zijn we natuurlijk trots op: de data van onze klanten, partners en gebruikers zijn hiermee in goede handen.

Wil je meer weten over onze ISO 27001 certificering? Kijk dan op onze website, of neem contact met ons op!


Escrow is niet een term die je iedere dag hoort. Toch is het een belangrijke woord voor organisaties die vertrouwen op online software voor hun primaire processen, zoals digitaal examineren of e-learning. Wat is escrow precies en hoe heeft Paragin dit geregeld?

Een onafhankelijke derde

Een escrow-regeling is een regeling waarbij een onafhankelijke derde partij, tijdelijk iets van de ene partij in bewaring neemt, en uitkeert aan de andere partij wanneer aan een bepaalde voorwaarde is voldaan. Bij grote financiële transacties komt dit regelmatig voor. Men gebruikt bijvoorbeeld een escrow-rekening als twee partijen elk iets moeten doen, maar dat niet tegelijkertijd kunnen doen en wel zeker willen weten dat de ander het daadwerkelijk doet.

Denk aan een grote aankoop: in dat geval stort de kopende partij het bedrag op een zogenaamde escrow-rekening, een geblokkeerde bankrekening die wordt aangehouden bij een neutrale en financieel betrouwbare derde, de escrow agent. De escrow agent betaalt het op de geblokkeerde rekening gestorte bedrag uit aan de andere partij, zodra er aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Bijvoorbeeld als de andere partij een product heeft afgeleverd of de overdrachtsdocumenten heeft getekend. Zo hebben beide partijen geregeld dat wanneer de ander zijn afspraken en verplichtingen niet nakomt, men de zekerheid heeft dat de onafhankelijke derde de wederzijdse belangen behartigt.

Op een vergelijkbare manier werkt een software-escrow, al is dat meer een verzekering die pas uitkeert bij problemen. Bij een faillissement of andere grote problemen van een online softwareleverancier, zitten klanten en gebruikers doorgaans meteen in de problemen: de leverancier doet zijn werk niet meer of is er zelfs niet meer, dus de dienstverlening en software kunnen in het slechtste geval per direct op zwart gaan.

Door afspraken te maken met een onafhankelijke derde partij, en die partij toegang te geven tot de broncode van de software, kan afgesproken worden dat in specifieke gevallen -zoals een faillissement- de broncode via de onafhankelijke derde vrijgegeven wordt aan de klanten en gebruikers. Die kunnen dan direct verder met het gebruik van de software en deze zelfs doorontwikkelen, ook al is de ontwikkelaar er zelf niet meer.

Het bovenstaande is het voorbeeld van een ‘klassieke’ software-escrow, waarbij de broncode van de software bij de derde partij vaak letterlijk in de kluis wordt gelegd. Toch is zelfs dat in de praktijk niet altijd een goede garantie voor continuïteit: ook al heb je de softwarecode tot je beschikking, het betekent lang niet altijd dat de software het meteen doet en je daadwerkelijk verder kunt ermee.

Daarom hebben we bij Paragin, in samenwerking met onze escrowpartner Escrow4All, een innovatievere manier bedacht om de belangen en continuïteit van onze klanten en partners te waarborgen.

 

De escrow-regeling van Paragin

Paragin wil voor haar klanten, partners en gebruikers een betrouwbare leverancier en samenwerkingspartner zijn, met een solide organisatiestructuur, oprichters/ directeuren die inmiddels 20 jaar aan het bedrijf verbonden zijn, een langetermijnvisie en –businessmodel, en een groot en divers klantenbestand. We doen er alles aan om een betrouwbare partij te zijn, nu en in de toekomst. Vanuit de visie op ‘een leven lang ontwikkelen’ hanteren we een lange horizon in hoe we als organisatie willen opereren.

Toch beseffen we dat dit niet in alle gevallen altijd een garantie is, om tot in de lengte van dagen als organisatie te kunnen blijven bestaan. Er kan altijd iets onverwachts of onvoorziens gebeuren. Om de belangen van onze klanten te borgen wanneer onze organisatie in zwaar weer zou komen, vinden we het belangrijk om te voorzien in een goede escrow-regeling.

We werken hiervoor samen met Escrow4All uit Amsterdam. Escrow4All is net als Paragin ISO 27001 gecertificeerd en daarnaast Approved Escrow Provider van onder meer Microsoft en ICANN.

 

De inhoud van de escrowovereenkomst wanneer die met Paragin en Escrow4All wordt gesloten

De escrowovereenkomst van Paragin biedt continuïteit op twee verschillende, op elkaar aansluitende manieren:

1. Continuïteit voor ál onze klanten

Escrow4All is een overeenkomst aangegaan met onze partner, die de hostingruimte aan het serverpark en de private cloud van Paragin biedt, en ook met onze partner die het monitoren en onderhoud van onze servers op besturingssysteemniveau verzorgt, om voor 6 maanden nadat Paragin haar verplichtingen niet meer na kan komen, de onderhoudscontracten over te nemen.

We hebben vanuit Paragin deze kosten vooruit betaald. Daarmee regelen we dat de dienstverlening zoals deze nu aan Paragin wordt geleverd met betrekking tot onder meer hosting, beveiliging, serveronderhoud, monitoren van oneigenlijk gebruik, mate van belasting en piekmomenten, het bijhouden van security updates en het patchen van de onderliggende hard- en software, voor zes extra maanden in stand zal blijven. Deze periode is bedoeld om ervoor te zorgen dat onze klanten en partners weloverwogen en zonder directe tijdsdruk, een alternatieve invulling voor Paragin kunnen vinden.

2. Specifiek voor klanten die de extra escrow-overeenkomst afsluiten

Escrow4All bezit de rechten middels een aan hen verstrekte geheime en beveiligde code (public-private key), om toegang te verkrijgen tot een online kluis, met daarin een volgende public-private key die toegang verschaft tot de broncode-repositories. Dit zijn de online bewaarsystemen waarin de meest recente versies van alle broncode van de software van Paragin meerdere malen per dag worden opgeslagen.

Middels deze repositories werken de programmeurs van Paragin aan onze softwareproducten en voeren wij updates aan de software op de servers uit. Deze zijn zodoende altijd actueel en bevatten de laatste stand van zaken.

Escrow4All controleert tweemaal per jaar formeel deze toegang en doet een verificatiecheck op de broncodes waartoe zij toegang hebben, om te controleren of dit daadwerkelijk de broncode is van alle software. Hiervan doet zij verslag in een eigen online portal, waartoe klanten die de escrow-overeenkomst afsluiten, een eigen inlogcode krijgen.

Na het afsluiten van de overeenkomst is bij Escrow4All bekend welke broncode(s) relevant zijn voor welke organisatie, en kunnen deze per direct overhandigd worden wanneer aan de criteria van de beschikbaarheidsstelling voldaan is (dit wil zeggen wanneer Paragin failliet is). Een programmeur of IT’er kan vervolgens een zogenaamde checkout uit de repositories doen en zo eenvoudig en snel alle broncode, inclusief alle bijbehorende libraries, databases, third party en open source componenten, downloaden en beschikbaar hebben.

Een escrow-overeenkomst is dus een verzekering: hopelijk is het nooit nodig deze aan te spreken. Tegelijkertijd is niets 100% zeker, en is een extra waarborg op de continuïteit van uw organisatie geen overbodige luxe. Met de escrow-regeling en –overeenkomst en het escrowproces op deze manier geregeld, willen we het beste van beide oplossingen aan onze klanten bieden: een goede periode om zonder directe tijdsdruk te komen tot een alternatieve invulling, zonder dat gebruikers hier iets van merken, en tevens het beschikbaar stellen van de software zodat daarmee verder gewerkt kan worden ook als Paragin er niet meer zou zijn.

Wil je meer weten over de mogelijkheden van een escrow-overeenkomst op de Paragin-software die je organisatie inzet? Voor het aangaan van de overeenkomst met Escrow4All door klanten is een jaarlijkse vergoeding verschuldigd. We vertellen graag meer over de kosten en mogelijkheden.


Veiligheid, betrouwbaarheid en beveiliging zijn belangrijke thema’s binnen Paragin, die onlosmakelijk verbonden zijn met ons werk. We werken er hard aan robuuste en veilige software te ontwikkelen, die altijd beschikbaar is en waarin de data die gebruikers de software toevertrouwen zo optimaal mogelijk beschermd is.
Toch is veiligheid niet iets wat software alleen kan regelen. Als beheerder of gebruiker van online software kun je ook een bijdrage leveren aan het vergroten van de veiligheid, bijvoorbeeld met de volgende drie tips.

Tip 1. Gebruik een password manager

Het inloggen met een gebruikersnaam en wachtwoord is voor iedereen bekend. Er wordt zóveel online gewerkt, dat iedereen een overvloed aan inloggegevens heeft. Van de bank, verschillende webshops, social media tot mailboxen. Het gevolg van zoveel inloggegevens is vaak dat wachtwoorden hergebruikt worden, dat makkelijk te onthouden – en daarmee wellicht makkelijker te kraken – wachtwoorden gebruikt worden, of dat er spiekbriefjes of tekstbestandjes met wachtwoorden worden gemaakt. Allemaal ‘oplossingen’ die meer kwaad dan goed kunnen doen, wanneer een kwaadwillende het op je gegevens gemunt heeft.

In een passwordmanager zoals 1Password, LastPass of Keeper kun je alle wachtwoorden centraal, maar veilig opslaan en hoef je ze zodoende niet meer te onthouden. Je kunt hierdoor voor alle plekken waar je moet inloggen een ander, sterk en willekeurig wachtwoord gebruiken. De passwordmanager kun je oproepen wanneer je in moet loggen, zodat je heel lange en complexe wachtwoorden kunt gebruiken die je zelf nooit zou kunnen onthouden. Dit werkt zowel op je computer als op je mobiele telefoon, zodat je altijd al je wachtwoorden op een veilige manier bij de hand hebt.

Een passwordmanager kan je ook helpen met het ‘bedenken’ van wachtwoorden. Er wordt dan een wachtwoord voorgesteld dat bestaat uit een lange reeks van willekeurige letters, cijfers en tekens.

Je hoeft nog maar één wachtwoord te onthouden, namelijk het toegangswachtwoord voor je passwordmanager. Zorg er dus voor dat dit een sterk, niet te raden wachtwoord is. Een langer wachtwoord (of een zin), met verschillende tekens en zonder persoonlijke informatie maakt een wachtwoord veiliger. Daarnaast is het raadzaam om je passwordmanager te beveiligen met two factor authentication.

Tip 2. Two factor authentication

Two-factor authentication, ook wel two-step verification of tweefactorauthenticatie genoemd (afgekort met 2FA), is het inloggen in meerdere stappen. Misschien ken je dit van het inloggen bij de bank: je logt in met je gebruikersnaam en wachtwoord en moet hierna een steeds wisselende code invoeren. Deze code krijg je op het moment dat je wilt inloggen, via een token, een SMS of email, of via een app op je telefoon zoals Google Authenticator.
Vaak wordt tweefactorauthenticatie toegepast in combinatie met je mobiele telefoon. Zorg er dus voor dat ook deze beveiligd is!

Two-factor autentication is ook te gebruiken binnen de Paragin-platforms. Op vrijwillige basis voor zowel beheerders en begeleidende rollen, maar ook voor deelnemers. Desgewenst kan dit ook verplicht gemaakt worden. In bijvoorbeeld MijnPortfolio.nl en RemindoEVC vind je hierover uitleg in je gebruikersprofiel en de opties om Two-factor authentication voor jouw gebruikersaccount in te stellen. Heb je aanvullende vragen, dan informeren we je graag!

Tip 3. Als Beheerder regelmatig de gebruikersaccounts nalopen

Ben je Beheerder in een online platform, controleer dan regelmatig de toegang van andere gebruikers. Wanneer andere beheerders, begeleiders, docenten of assessoren een andere functie krijgen, niet meer bij een project betrokken zijn, of uit dienst gaan, wordt nog wel eens vergeten het account te deactiveren of te verwijderen. Het is daarom een goede gewoonte regelmatig te bekijken of de rechten die gebruikers hebben nog steeds kloppen.

Daarnaast zijn deze gebruikers zelf verantwoordelijk voor gebruik van een veilig wachtwoord.

Het is daarom belangrijk dat zij zich bewust zijn van de data die in het platform staat opgeslagen. Deelnemers leggen veel persoonlijke gegevens vast rondom hun ontwikkeling, ze doorlopen leertrajecten en toetsresultaten, examens en beoordelingen worden opgeslagen. Beheerders, begeleiders, docenten en assessoren kunnen bijdragen aan de veiligheid van deze data, door hun eigen account goed te beveiligen met ten minste een sterk en geheim gehouden wachtwoord.

Als Beheerder kun je dit bewustzijn vergroten door hier herhaaldelijk aandacht aan te besteden.